PIRATENSENDER, GESCHICHTE UND PRAXIS
Andermaal een publicatie op de mat uit de uitgeverij stal van Siebel Verlag uit Duitsland, een gerenommeerde uitgeverij die al jarenlang in mijn top drie staat aangaande radiopublicaties. Ditmaal is het een boek geschreven door Wolf Diether Roth, die de weg is gaan behandelen van de radio zoals die in Duitsland, maar ook daarbuiten, op illegale wijze werd gemaakt. Dus radio die de wettelijke maar ook de stijve programmering van de publieke radio ontliep. Roth, die al sinds zijn jeugd gefascineerd is in alles wat met radio te maken heeft en dus zich minder aangetrokken voelt tot het kijken naar de televisie, is een gelicensseerde zendamateur die zich verdiept heeft in alles wat met illegale radio, of dit nu vanaf zee dan wel land kwam, heeft verdiept. Tevens is Roth te horen via de Duitstalige service van het huidige Radio Caroline, dat legaal sinds de jaren negentig via allerlei kanalen haar uitzendingen over de wereld verspreid.
Het boek is geschreven in het Duits en Roth beschrijft zeer terecht de wetgeving in Duitsland alwaar al via een wetje uit 1892 werd beschreven wat men op het gebied van het leggen van verbindingen al dan niet mocht. Grensoverschrijdende communicatie, aldus het vroege geschrift, was alleen aan de staat toegestaan en dus diende de burger zich aan alle regels te houden. Beschouwend komt Roth tot de conclusie dat na een moeilijke start van de radio in de twintiger jaren van de vorige eeuw de eerste vorm van piraterij was te constateren. Niet dat het echt ging om illegale stations maar meer om de vroege ontvangers, die niet goed waren afgesteld en op zich automatisch als zender gingen werken, met alle interferentie problemen van dien.
Fantastisch is hoe Roth direct in het begin van het boek al de lezer weet te binden door kleine details op te hoesten, die zelfs voor mij als radiokenner sinds 1969, erg leuk waren. Zo was een zekere Wilhelm Hotlhoff degene die de eerste radio ontvangstlicentie verkreeg. Hij moest daar wel een bedrag van 350 miljard Rijksmark neertellen. Omgerekend betaalde hij tien dollar per maand. Uiteraard voor die experimentele tijd een heel hoog bedrag. Vervolgens wordt door de auteur in het kort neergezet waartoe de radio leidde in Reichzeit en op goedkope wijze werd overgegaan tot het introduceren van volksontvangers om op die manier een manier tot indoctrinatie te krijgen voor het Duitse volk. Uiteraard komen de eerste piraten, in Duitsland destijds Schwarz Sender genoemd ook om de hoek, terwijl ook de buitenlandse varianten uit die tijd kort worden genoemd. Op 30 augustus 1939 wordt het helemaal moeilijk voor de Duitse luisteraar als blijkt dat het door een nootwetgeving zelfs verboden wordt om naar een vijandig station te luisteren. En de straf tegen overtreding was niet mis . De doodstraf! En in september 1941 wordt een dergelijk vonnis dan ook daadwerkelijk ten uitvoering gebracht. Twee voorbeelden van piraterij in de Tweede Wereld Oorlog in Duitsland waren een station dat vanuit een ruïne van een gebombardeerd huis in Berlijn haar protest programma s verzorgde. Het werd gedaan door een verzetsgroep die al vrij spoedig door de Gestapo werd opgerold. In 1942 was het vervolgens de beurt aan een groep Katholieke jongeren die een anti fascistisch station in de ether brachten.
Er gebeurde in de daarop volgende jaren veel, niet alleen in Duitsland, maar in de totale ontwikkeling van radio, televisie, communicatie en het menselijke zijn , waarbij na de oorlogstijd er wel iets ander was dan alleen maar denken aan de ontwikkeling van de radio op zich. Maar er bleven steeds mensen die dachten het beter te weten en zo kwam als snel een deklassering van de Heinzelmann Radio door ene Max Grundig die ook nog een waardig marktaandeel in Duitsland en ver daarbuiten zou krijgen. De in 1936 door de Duitse autoriteiten verboden Jazz werd direct na de Oorlogsperiode 1940-1945 opnieuw in de welluisterende oren gehoord, via de uitzendingen van AFN, BFBS en FFB, CFN en CAE de stations van de geallieerde partners afkomstig uit Amerika, Engeland, Frankrijk en
Canada.
Deze stations komen in het boek Piratensender, Geschichte und Praxis, dan ook inclusief de verhalen rond Radio Liberty en Radio Free Europa in een hoofdstuk voor. Natuurlijk heeft het niets met piraten radio te maken maar je moet het zien als de beschrijving van de radio-ontwikkeling naar het meer vrije gevoel die opkwam na de barre Oorlogsjaren. Roth beschrijft daarbij ook de verdere ontwikkeling van de openbare omroep en de her opkomst van de televisie in Duitsland, waarbij ook de internationale ontwikkelingen zoals bijvoorbeeld de allereerste grootste internationale televisie-uitzending met gebruik van de Telstar satelliet op 23 juli 1963m- niet worden vergeten.
Het boek staat vol met afbeeldingen, echt honderden, waarbij de auteur driftig aan het surfen is geweest op internet en daarbij niet de moed heeft gehad om aan indien mogelijk aan verwijzingen te doen. Ook de plek waar de afbeeldingen staan zijn soms slecht gekozen. Op pagina 28, alwaar het jaar 1963 wordt beschreven tref ik als passend voorbeeld van misplaatsing een afbeelding van een button aan van de Free Radio Association met de slogan Fight for Free Radio . Het zou nog zeker zeven jaar duren voordat het geportretteerde in mijn persoonlijk bezit kwam. Maar bij zijn historische beschrijving van de ontwikkelingen binnen de openbare publieke radio in Duitsland vergeet de auteur ons niet langs vele historische en heerlijke herinneringen te brengen. De uitzendingen van Beatclub, die mid jaren zestig al werden geprogrammeerd en vooral in Noord Nederland al op de extra televisie antenne werden bekeken en die in de jaren tachtig werden opgevolgd door de programma s van Musik Laden. Maar dan hebben we het weer over televisie. Radio os voor Roth ook zijn favoriete wereld en tot pagina 48 van zijn rijzig boek leidt hij ons door de ontwikkelingen van de Duitse radio.
Vervolgens start het hoofdstuk over alternatieve radiostations, die niet alleen voor de Duitse markt interessant waren. Natuurlijk stond daar Radio Luxembourg, dat in de jaren dertig van de vorige eeuw met als eerste deejay Christopher Stone in 1934 al actief was, voorop.
Teruggaand naar het originele onderwerp van het boek belanden we in de jaren vijftig wanneer de auteur ons verteld over de opkomst van de scholierenpiraten, die toch het een en a ander kwijt willen en dit het beste via transmissie van radiosignalen kunnen doen. Uiteraard was het via de Duitse wetgeving strafbaar maar ook dat mocht in die tijd al niet de pret drukken. De publicaties in de kranten, nadat er destijds andermaal weer een station door de opsporingsambtenaren was opgerold, spraken dan over de zogenaamde Schwarzsender . Erg goed is vervolgens het hoofdstuk over de werking van de door velen gevreesde peilwagen, waarmee menig piraatje in de loop der jaren is opgespoord en waarschijnlijk enkele nachten van wakker heeft gelegen.
Ook het beschrijven van Radio 101 is een aanzet tot meer, namelijk de grensoverschrijdende vorm van piratenradio. Dit station, of misschien moet ik zeggen, dit keten van radiostations (immers er werd van meerdere locaties uitgezonden en meerdere zenders gebruikt) was in 1981 onder meer actief vanuit Nederland, België en Duitsland. Vele andere kleine, middelgrote en grote landpiraten zouden volgen waarbij voor mij persoonlijk Radio 24 de meeste indruk heeft gemaakt.
Vreemd genoeg wordt de allerlaatste zeezender Offshore 98 waar Helmut Slawik, een handvol Duitsers en Nederlanders en de recensent van dit boek bij betrokken waren, al genoemd op pagina 63, terwijl al die andere piraten vanaf zee nog in een hoofdstuk moeten voorbij komen. Maar een kniesoor die daar op let als je ziet wat
Wolf Diether Roth ons voorschotelt in zijn zeer gedetailleerd boek Piratensender, Geschichte und Praxis.
Inderdaad komt er heel veel voorbij waaronder de CB piraten, de religieuze piraten, de kortegolfstations die illegaal actief zijn maar ook de zeer professionele stations die niet officiële frequenties voor hun uitingen gebruikten. Namen die goed in het gehoor en ons geheugen liggen als Radio Valentine, Radio Victoria, Radio Marabu, Radio Kaleidscope en Radio Gloria. Gelijk aan Nederland waren er in Duitsland ook politieke stations illegaal actief, evenals de krakers radio. Ze worden beschreven tot pagina 99, waarna de heden daagse piratenscène onder de loep wordt genomen.
Leuk te lezen is dat een televisieserie van de ARD in 1985, Radio Pogo 1104, meteen tot gevolg had dat er een FM piraat in de ether kwam onder de naam Radio Pogo 104.
En dan vanaf pagina 105 neemt Roth ons mee naar zee en waar velen de fout ingaan door de geschiedenis een start te laten maken met de eerste Europese zeezender in 1958 weet de auteur een goede start te maken met de allereerste uitzendingen vanaf zee in 1907. Hij stelt dan ook dat hij niet alleen gebruik heeft gemaakt van de vele artikelen van mij persoonlijk, ondermeer in Soundscapes, maar ook uitgebreid zelf aan research te doen waarbij voor mij ook nog eens enkele illustraties te voorschijn kwamen, die niet volgens mijn niet eerder werden gepubliceerd in boekvorm. Een hoofdstuk dat voor de Duitse markt, waarvoor het boek uiteraard is geschreven, een mooie samenvatting is van datgene vanaf zee gebeurde. Jammer dat de auteur, bij het surfen en spelen van leentjebuur met de foto's, vergeten heeft te denken aan vermelding zover bekend van de makers van het geïllustreerde materiaal. Wel bedankt hij achterin diverse personen waarmee hij heeft overlegt maar een naam als Theo Dencker, de hoffotograaf der zeezenders, zie ik helaas niet terug hetgeen een minpunt is in het boek Piratensender, Geschichte und Sender.
Na dus natte voeten te hebben gekregen door een aantal decennia met zeezenders brengt Roth ons even weer aan land en op het Britse eiland via de aldaar opkomende landpiraten vanaf de eind jaren zestig van de vorige eeuw, om ons vervolgens direct weer mee naar zee te brengen om rond pagina 170 ons pas weer aan land te zetten en te vervolgen met de huidige situatie rond Radio Caroline. Natuurlijk mogen de vele piraten die actief zijn geweest vanuit Zuid Tirol, wij Nederlanders zouden het al snel hebben over Noord Italië, volop aan bod komen in persoonlijke herinneringen van Roth en verhalen die via overlevering tot hem zijn gekomen.
Vanaf pagina 218 geeft Roth de nodige tips hoe je zelf een zender in elkaar kunt knutselen, kunt uitzenden maar ook hoe de rechtsregels zijn, zodat je van te voren gewaarschuwd bent waartoe illegale, dan wel zogenaamde piraten uitzendingen, toe kunnen leiden. Uiteindelijk leidt hij ons nog tot de meer moderne vorm van piraterij het illegaal downloaden en eventueel herverspreiden van muziek via internet radio.
Ontvangen op woensdag, de recensie geschreven op zaterdag, na 288 pagina s vol spanning en geschiedenis te hebben doorlopen. Ik kan U gewoon adviseren vandaag nog Uw eigen exemplaar te bestellen van
Piratensender, Geschichte und
Sender. Het kan besteld worden bij Verlag für Technik und Handwerk GmbH, Robert Bosch Strasse D 76532 Baden-Baden, Deutschland.
Het boek kost 13.90 exclusief verzendkosten en is een must in je boekenkast.
HANS KNOT