Rob Olthof: HET FENOMEEN GERARD VAN DAM
 


Op een zonnige avond in de maand juni van 1980 wandelde Zijne Heiligheid Gerard van Dam de SMC burelen binnen om op verzoek van mij een praatje te houden over zijn ervaringen in de piraterij.

Zoals bekend verrichtte Gerard van Dam allerlei hand en spandiensten voor Radio Veronica en Noordzee in de jaren ’70.
In 1972 kocht Gerard de Mi Amigo om later in het jaar de Nederlandse service van Radio Caroline op te zetten.
Na de beruchte muiterij volgde het “aftreden”van Van Dam.
Jaren later deed Gerard weer van zich spreken in de geruchtmatige Delmare affaire, eerst met een hele wildwest toestand in de haven van Scheveningen ( het testen van de zender op de Aegir), later op volle zee.

Maar goed, laten we Gerard zelf aan het woord laten…

1972: Van Dam koopt de Mi Amigo

“Toen ik in 1970 geattendeerd werd op twee radioschepen in de Amsterdamse haven, ben ik gaan kijken. Ik zag die schepen daar liggen en dat intrigeerde me enorm. Ik wist dat ze van Caroline waren, ik had al eens kennis gemaakt met de Engelse piraterij en ik wilde wel zo’n schip hebben.

Meteen het ik geld bij elkaar gescharreld en een scheepsmakelaar ( een zekere Hofman) een bod laten doen op de kleinste van de twee ( de Mi Amigo). De veiling werd gehouden in een restaurant aan het Damrak en daar werd bij opbod en afslag de Mi Amigo voor fl. 20.000,-- verkocht.
Enfin, er kwamen nog kosten bij en het contract- dat ik overigens nog steeds heb- staat dat de kosten voor G.J. Th. Van Dam fl. 23.000,-- waren, inclusief plokgeld. Tesamen met een aantal jongens heb ik toen ontslag genomen bij mijn baas- ik had toch al niet meer zoveel zin in het baantje -en met de jongens die ik verzameld had zijn we het schip gaan opknappen. We hebben het versleept naar de Havens Noord en daar hebben wij aan de kade een grote hoeveelheid rottigheid uit het schip gesleept. Een prachttijd was dat, waarin we ook nog een grote hoeveelheid bekeuringen hebben gehad.

PETER CHICAGO

In die tijd kwamen er altijd rondvaartboten langs en dan hoorde je de meisjes van die boten in 3 talen vertellen, wat dat nou voor een schip was met zo’n imbeciele mast erop…Het schip werd in enkele maanden opgeknapt.

Toen kwam ik in contact met Peter Chicago, die ons kwam helpen. Chicago was ontslagen bij Radio Noordzee, omdat hij onderdelen van de Mebo 2 meenam en in de zenders van de Mi Amigo monteerde.
Peter knapte de zenders op en toen hebben we het schip laten verslepen naar de Houthaven in Zaandam- Het Melkpad. Daar hebben wij de zenders weer helemaal zendklaar gemaakt. Het schip wilden wij het dok in hebben om ook onderkant te laten nakijken- platen erop laten lassen etc maar dat kon toen niet.
Daar kregen wij namelijk geen toestemming voor, want men was bang dat het schip- als het hoog en droog stond- zou omkiepen met die hoge mast. Dat ging dus niet. We hebben toen pogingen ondernomen om het schip in dok te krijgen, maar dat was onbegonnen werk. Het kostte iets van fl. 30.000,- aan dokgeld.

SEPT 1972

Wij zijn toen op 1 september 1972 als de donder de zee opgegaan. We werden echter tegengehouden in de sluizen van IJmuiden . Ik heb toen certificaten ondertekend dat we als museumschip naar Engeland gingen. Een particulier slepertje heeft ons naar zee gebracht. Ik kan me nog herinneren dat de havendienst en de douane inspectie aan boord kwamen en op het moment dat ze aan boord stapten kwam Peter Chicago met een krat bier naar boven. Die lui hadden zo’n belangstelling voor die krat, dat ze helemaal vergaten het schip te inspecteren. Het enige wat ik toen getekend heb, was een uitklaringscertificaat- op weg naar Engeland-. Je moet namelijk een doel opgeven. Anderhalve mijl uit de kust hebben we het anker uitgegooid. Koos van Laar heeft ons de volgende morgen opgepikt en ons 500 meter van Radio Noordzee neergelegd.
Dat was mijn antwoord op de ruzie die ik in 1970 heb gehad met John de Mol sr . Ik werkte toen bij Radio Noordzee, maar ik had het er niet naar mijn zin, ik wilde wat anders doen. De Mol zei tegen me dat ik niks kon, ik heb toen tegen hem gezegd: “ik parkeer een eigen schip naast ’t jouwe”
En aldus geschiedde.


DE TERUGKEER VAN RADIO CAROLINE IN 1972 op 259m.

We hadden een generator aan boord: Buddah en die was gelijk kapot. We lagen zonder stroom en zonder licht. H.M. Huppelepup van de Koninklijke Marine kwam langs en zei tegen ons dat we ankerlichten moesten voeren. Wisten wij veel. De officieren die toen bij me aan boord kwamen, hebben me nog een aantal zeewetten geleerd. Enfin, de boot lag daar en niks werkte. De jongens van de Mebo zijn nog bij ons geweest en de machinist van de Mebo heeft nog onze generator gerepareerd. We waren toen startklaar en op RNI hoorden wij op een nacht Tony Allen enige ironische opmerkingen maken in de trant van: Öud schip, leeg en geen zenders”.

Op zaterdag 30 sept. 1972 ( historische dag voor de zeezenderfreaks) hebben we voor het eerst tests gedaan op de 259 m. Op die dag wisselde Veronica van golflengte van 192 m naar 538 m en de 192 werd door RNI gekaapt om 12.30 uur en Caroline begon met testen met een vermogen van 3 ˝ kilowatt.

Ons signaal was perfect: Chicago was een vakman. Een week later gingen we contacten onderhouden met Ronan O’Rahilly. We zaten namelijk zonder centen. O’Rahilly schonk ons wat geld op voorwaarde dat we wat promotie zouden maken voor de film “Gold”. Ik kreeg van O’Rahilly fl. 50.000,--
Ik had namelijk de keuze om die fl. 50.000,-- aan te pakken of voor fl. 50.000,-- het schip over te dragen aan Veronica en Noordzee. Meister en Bollier en Verweij waren bang dat met 3 schepen voor de kust de anti zeezenderwet sneller aangenomen zou worden.

In november 1972 is tijdens een storm de oude mast in zee gestort. Toen was er geen geld. O’Rahilly had geen geld, wij hadden geen geld. We hebben toen een zgn. “Micky Mouse”mast geplaatst, waarmee we op 3 kw hebben uitgezonden.

We hebben wekenlang achtereen op de 199 m uitgezonden om een beetje geld te maken. Daar hadden we een speciale truc voor. Ik had een Roemeen onder de jongens die goed kon verkopen. Hij ging de adverteerders af . Daarbij gebruikte hij een transistor radio. Bij een potentiële klant ging hij naar binnen en vroeg: “wilt u adverteren op radio Caroline?”
“Hoe klinkt dat dan?” “Wacht maar even”zei hij dan “als ik even van uw telefoon gebruik mag maken”. Hij belde dan met de Zeekant 105 a (ons kantoor) waarop wij via de 27 mc contact opnamen met het schip zochten. Daar gaven wij de tekst van de spot door naar het schip. Op het schip werd na afloop van de plaat de reclameboodschap prompt voorgelezen.
De winkelier hoorde een paar minuten later zijn reclame via de zender. Een perfect systeem voor spots verkopen. We hanteerden tariefjes van 30 spots voor fl. 1.000,-- We konden dus maandenlang fl. 1.000,-- collecteren per klant.


BLIKSEMBEZOEK AAN NEDERLAND

In december 1972 kwamen er troubles met de Engelsen. Kapitein van de Kamp maakte ruzie met de Engelse bemanning.
Hij had fl. 25.000,-- ontvangen om het schip naar binnen te laten varen. Het schip, de Mi Amigo werd naar IJmuiden versleept., waar het op 31 december binnenvoer. Even daarvoor zijn de zeer pittige ruzies op het dek door de mannen van de NOS journaal gadegeslagen. De Gier van Seanews heeft e.e.a nog gefilmd. De autoriteiten in Nederland waren zo blij, dat we naar de haven gesleept werden, dat ze vergaten het schip in te klaren. Ik had dat vrijwel direct in de gaten. We zijn toen versleept naar de douanehaven van Amsterdam, vlak achter het Centraal Station.

Gerard vertelt er niet bij dat het kapitein van de Kamp was die op donderdag 28 dec 1972 vuurpijlen vanaf de Mi Amigo schoot. De Nederlandse bemanning had nl het schip verlaten omdat men al die tijd geen loon had ontvangen. Aan de wal werden de vuurpijlen gezien door Dick Roos van Rederij Trip en de reddingsboot de Bernhard van Leer. Dick Roos had alle reden om in actie te komen: hij werkte nl. voor RNI.


De volgende dag- 1 januari 1973- viel op een zondag. Ik ben die dag naar een sleepvaartbedrijf gegaan en met fl. 5000,-- in de hand heb ik die mensen opdracht gegeven de Mi Amigo weer weg te slepen. Het schip was niet ingeklaard, dus behoefde het ook niet uitgeklaard te worden. Het was officieel niet eens in Nederland! Dit was een keihard argument , want wettelijk waren we er helemaal niet. Op die zondag waren er ook geen ambtenaren beschikbaar om die inklaring in orde te maken. Als de donder zijn we weer naar IJmuiden gesleept waar we in de haven werden opgehouden door de advocaat van de bemanning onder leiding van Van de Kamp die zijn fl. 25.000,-- al zijn neus voorbij zag gaan. We werden in een haventje geloodst en toen heeft de havenpolitie ons de opdracht gegeven het gat te dichten dat de toenmalige Dolfijn van Rederij Vrolijk op een keer op zee in de kont van het zendschip geramd had.
Dat gat moest gedicht worden voor 8.30 ’s morgens , want dan zouden de autoriteiten komen om het schip alsnog in te klaren.
Die zondagnacht is er onderhandeld met de bemanning. Er kwam fl. 17.000,-- op tafel en op maandagochtend 8.00 uur was het gat gedicht.. De ketting werd eraf gehaald en sleper Koos van Laar bracht ons meteen naar buiten. Iedereen had het nakijken……..

WEER IN DE LUCHT

’s Middags om 1300 uur waren we alweer in de lucht en wel op 259m.( Even voor de closedown in de nacht van 30 op 31 december deed Peter Chicago de mededeling dat Caroline van golflengte zou veranderen). We hebben toen een hele poos goed uitgezonden. We maakten een dealtje met Koos van de Boon, dat was een jongen in nappa en sučde. Samen met hem hebben we ME productions opgericht. We verkochten per week voor f.25.000,-- aan spots. In die tijd was er goed te eten aan boord. Maar dat was niet naar de zin van de Engelsen. Zij wilden voor de Engelse kust liggen en Engelse programma’s uitzenden. Wat moesten ze met die domme Hollanders? Daar hadden ze geen zin in en zo begonnen ze het zaakje te saboteren.

Het was voor ME productions niet meer haalbaar om de zaak draaiende te houden. De Engelsen hebben toen de zaak overgenomen en wij ( Van Dam en Kees van de Boom) zetten een streep onder ME productions. Tegen Ronan hebben wij gezegd dat we ermee stopten. Ik ben toen uit Caroline gestapt en begon met het opzetten van winkels zoals Boom Boom op de Beeklaan in Den Haag , Young Shop in Voorburg en Textiel shop in Den Haag enz.

Bovenstaande is de lezing van Gerard van Dam. In feite werd hij ontslagen door Ronan. De reden voor de muiterij was dat de bemanning al die tijd voor niks had gewerkt en nu wel eens wat geld wilde zien . Men ging van boord en een dag later liet kapitein van de Kamp de ankerketting doorbranden en het schip naar Amsterdam slepen. Van de Kamp hoopte hiermee alsnog zijn achterstallig loon te ontvangen.



RADIO ATLANTIS

Echter na een tijdje winkelier te zijn geweest gaf ik ook daar de brui aan. Op een gegeven moment kwam ik in aanraking met ene Frans Reinders. Hij vertelde me dat hij een relatie had in Belgie met veel geld, en die relatie wilde een radiostation beginnen. Deze Adriaan van Landschoot wilde bovendien zijn vrouw Janine verrassen met een cadeautje op 2e Kerstdag in de vorm van een eigen radioprogramma. Enige maanden daarvoor had hij een debacle gehad met Sylvain Tack van Radio Mi Amigo. Tack was zijn toenmalige compagnon. Tack was doorgegaan vanaf de Mi Amigo en hij- Adriaan van Landschoot- was uit het project gegooid.

Enfin, ik werd als piratenexpert meegenomen naar Belgie en kwam daar aan bij Van Landschoot, die mij vraagt: “Wat kost dat, zo’n zendschip?”
“Weet ik veel”zei ik toen. “Een ton of zo, maar wel cash op tafel”. Van Landschoot zei dat dat goed was en dat ik de volgende morgen kon terugkomen.

Dus eh……..ik had toendertijd niet zoveel tanden… die laatste 3 vielen prompt in het gras.

Toen ik de volgende dag terugkwam werd me daar een koffertje op tafel gezet met inderdaad fl. 100.000,-- erin. Dat was dan afgeboekt van een zwartgeld bankrekening van Van Landschoot.

In Belgenland heb je witte en zwarte rekeningen.
En daar zat ik dan met een ton… geen schip, helemaal niks, wel honderdduizend gulden. Ik had de opdracht:”2 december wil ik hem horen op de radio”. En ik had maar 3 maanden de tijd om de hele zaak op te zetten, want het was al september. In de tussentijd waren we te weten gekomen dat een zekere Steph Willemsen met de Condor op de Noordzee beland was zonder zenders. Hij was in het bezit van een oude 10 kw zender, die niet werkte en bandrecorders uit de middeleeuwen.
Kortom, de jongen zat zonder geld, wist dus niet het een en ander tot stand te brengen, demonstreerde op een gegeven moment dat alles zou werken en het enige dat we zagen was een lichtflits. We zijn toen met Rederij Van Laar naar de Condor gegaan om te kijken of het schip wel deugde. Dat was het geval en toen hebben we de deal gemaakt: fl. 50,000,--, niet meer ouwehoeren en wegwezen. Wij de boot.

Ik heb toen fl. 50.000,-- betaald (de kwitantie heb ik nog). Op zeker moment word ik ’s nachts gewekt met de mededeling dat de Condor stuurloos ronddreef. Hij was van zijn anker geslagen. Wij er naartoe. Rederij Weismuller was erheen gevaren en had vastgemaakt aan de Condor. De jongens zijn overgestapt en met de Bernard van Leer naar IJmuiden gebracht. De volgende dag heb ik fl. 20.000,-- betaald om de Condor die nacht op zee te houden en de dag daarop heeft Koos van Laar de boot naar Cuxhafen gesleept, nadat we eerst een heleboel spullen aan boord hadden gebracht. Bijna 48 uur later kwam de Condor in Cuxhafen aan. Ik heb toen een agent georganiseerd ( in Duitsland moet je een agent hebben die alles voor je regelt). Het schip heeft daar 2 maanden in de haven gelegen en in die 2 maanden hebben we hard gewerkt aan boord.

DE DOOD VAN CHRIS KLINKENBERG

Het zielige is wel dat we aan boord een jongen van 17 jaar hadden, een zekere Chris Klinkenberg, een vriend van Lion Keezer. Hij verdronk. Hij was die avond ’s avonds gaan stappen en van de loopplank gevallen. Voor mij blijft de vraag of hij was gevallen of dat de plank was gebroken. Of hij van de loopplank werd afgeduwd is een grof verhaal dat nooit is bewezen.
(HIEROP INTERRUMPEER IK GERARD MET DE OPMERKING DAT ARIE SWANEVELD( DE LEVERANCIER VAN DE ATLANTIS ZENDER) HAD GEHOORD DAT CHRIS NOOIT DRONK, HETGEEN IK ZELF OOK KAN BEVESTIGEN).

Van Dam gaat verder: “ja, ik ben er niet bij geweest, ik weet wel dat ik net uit Cuxhafen was teruggekomen en dat ik met een snelle auto, een Ford Capri, die ik van Van Landschoot had gekregen,in staat was om in enige uren van Cuxhafen naar Den Haag te rijden. Ik was net naar bed gegaan, toen ik de mededeling over het ongeluk kreeg”. Ik keeg de mededeling dat ik weer naar Cuxhafen moest komen, dat er een ongeluk was gebeurd. Dus ik weer naar Cuxhafen. Ik kom daar in het hotel aan en zie de hele bemanning verslagen bij elkaar zitten.

Boze tongen beweerden dat er drugs aan boord waren.
Van Dam: gelul. Dan zou ik er beslist van geweten hebben. Ik ben per definitie tegen alles, wat mensonterend is en dat is o.a. stuff. De enigen die met stuff lopen te slepen zijn d Engelsen, de Caroline boys. Het was in die tijd nog niet zo populair als in Engeland.

Nee, die Chris is gewoon van de loopplank afgegleden en tussen de wal en het schip ingekomen en gestorven aan een hartverlamming, want dat werd ook als doodsoorzaak vastgesteld. Zijn longen zaten niet eens vol water, hij heeft niet eens de tijd gehad om te happen. Hij was op slag dood, toen hij in het water terecht kwam.

DE ELLENDE BEGINT VOOR ATLANTIS

Het Atlantis schip is in december 1973 versleept voor
fl. 20.000,-- door Muller uit Terneuzen ( zij hadden toevallig een sleepboot in Cuxhafen liggen die terugmoest naar Nederland). Chrispian St. John was de eerste Engelse DJ die programma’s op 1e Kerstdag 1973 deed. Ik had gezorgd voor een prima bevoorrading via Muller Terneuzen. Zoals je weet lagen we voor anker bij Knokke in Belgie. Alles ging prima, totdat Tony Houston meende het leiderschap van mij te moeten overnemen. Er zijn toen wat woorden gevallen tussen Tony en mij en die hebben geleid tot mijn ontslagname bij Atlantis.

Daarmee begon voor Van Landschoot de ellende. Hij heeft vermogens betaald om de zender draaiende te houden. Om exacter te zijn: het heeft hem minstens anderhalf miljoen gulden gekost om het schop daar al die maanden op zee te houden – zonder een adverteerder. Van Landschoot was ook stom: hij wilde geen adverteerders. Dat was niet nodig: hij had toch geld zat. Aan boord stond nog steeds die 10 kw zender van Steph Willemsen, die vroeger al eens op Radio 270 en op de King David van Capital Radio stond. Op een bepaalde dag heeft Andy Anderson ( op een vrijdagmiddag was het) die zender aan de praat weten te krijgen. Toen kwam Atlantis heel hard door in Den Haag. Dat is het enige dat die zender ooit gedaan heeft, want de grap was dat er een bepaalde transformator voor nodig was om hem aan de praat te krijgen en die transformator kostte een paar pond. Maar Van Landschoot zag er het nut niet van in, want hij was al blij als Atlantis in de kuststreek van België doorkwam. Zoals je weet had Atlantis slechts een vermogen van 1 kw en dat kwam van de oude REM zender van Arie Swaneveld.

IN HET PIRATENVAK en meteen CAROLINE TV.

Hoe ben je in het “vak”terecht gekomen?

Het begon allemaal in de Voltastraat 9 te Badhoevedorp.
In 1969 heb ik een poging ondernomen voor O’Rahilly om Caroline TV van de grond te krijgen. Zoals bekend lag het in de bedoeling om via een Super Constallation vanuit een land op te stijgen en enkele uren boven Brits gebied met TV te starten. We hadden het idee afgekeken van de Amerikanen die op die manier werkten in Vietnam. Op dat adres in Badhoevedorp had ik een meisje Pinky genaamd, die de administratie deed en ik deed het handelsverkeer om via advertenties geld bijeen te brengen zodat we van de inkomsten een vliegtuig konden bekostigen. Dat is nooit tot stand gekomen; er kwam wel geld binnen maar veel te weinig om een vliegtuig te kopen. Verder bleek dat je ook landingsrechten nodig had want je mocht wel opstijgen maar niet landen en dat is verdraaid lastig… Er is dus nooit Caroline TV van de grond gekomen.

VAN CAROLINE NAAR DELMARE

Eigenlijk is het wel jammer dat je de Mi Amigo kocht in plaats van de Fredericia, want die is veel groter en mooier.

Dat zeggen ze ja. Maar dat is niet waar, want de Fredericia was zodanig kapot dat het niet meer te repareren was. Van binnen helemaal gesloopt. Er stond aan boord van de Fredericia een 10 kw zender, die totaal stukgeslagen was. Boze tongen beweren dat de “heren” van een andere station destijds de zender aan boord danig onttakeld hadden.

Veronica- om man en paard te noemen- heeft vreselijk veel gestolen van die twee schepen, men had nl ook een Continental Electronics aan boord staan, dus hadden ze onderdelen nodig sloopten ze de Fredericia en de Mi Amigo. Ze lagen er toch om geplukt te worden? De Mi Amigo was een handzamer schip, zodoende was zij sneller op te knappen, er was weinig nodig en het grote voordeel was dat er behalve 2 10 kw zenders ook nog een 50 kw aan boord stond. Voorts was de mast in een betere conditie, het schip was beter en bovendien had de Fredericia een motor die met nog geen tien paarden meer aan de praat te krijgen was. Achteraf bleek echter dat de motor van de Mi Amigo niet veel beter was.
Op een gegeven moment moet je een beslissing nemen en ik koos voor de Mi Amigo.

(Later bleek dat de motor van de Fredericia wel werkte,want het schip voer op eigen kracht naar Van de Marel in Zeeland om daar gesloopt te worden).

Overigens, als je door de gangen van de Fredericia liep, dan zag je dat alles, maar dan ook alles letterlijk kapot geslagen was.. Het schip, een voormalige ferryboot uit Skandinavie, had ruim 100 patrijspoorten. Niet een was er meer heel. Al het koper was gesloopt., De messroom was een grote puinhoop en op de Mi Amigo hadden gedurende 2 jaar een aantal zwervers gewoond die de zaak redelijk onderhouden hadden.
M.a.w. de Mi Amigo was met minder geld sneller op te knappen.

CAROLINE / O’RAHILLY

Lion Keezer ( programmaleider en DJ van Caroline in het “Van Dam” tijdperk heeft beweerd dat je van Ronan geld hebt gekregen om de Mi Amigo op te knappen, maar in plaats daarvan geld in eigen zak hebt gestopt.
Gerard: die bewering moet hij maar hard maken. Ik heb pas geld ontvangen van O’Rahilly, op het moment dat het schip weer op zee lag ( 1 sept 1972 dus). Bankafschriften van de Amro bank bewijzen op welk moment ik geld heb ontvangen. Dat geld heb ik vanuit Liechtenstein op de rekening van Vagebond ltd waren van mij ivm de overdracht aan Ronan O’Rahilly. Met die fl 50.000,-- heb ik het schip op zee verder uitgerust. Had ik ze maar in mijn zak gestoken dan was ik er tenminste nog beter van geworden.

SMC: Reeds eerder heb je verteld dat je op een gegeven moment door de Caroline organisatie tegen werd gewerkt.
Wie waren de grote boosdoeners?

Gerard: Chris Cary en Peter Chicago. Cary wilde de grote man zijn in de organisatie; Peter Chicago wilde het schip naar de Engelse kust varen om vandaar uit furore te maken, ze ervoeren de Hollanders die geld willen verdienen, als lastig.

Ik leerde Ronan kennen in 1967, toen Caroline op Singel 160 een kantoor had; er is toen een film gemaakt met o.a. Johnny Walker en Ronan, lopende op het Singel. In 1969 kwamen we elkaar weer tegen in de aktie Caroline TV, gevolgd door mijn pogingen de Mi Amigo op te kopen. Uiteindelijk heeft Ronan mij uitgekocht. Ronan is een gewiekst zakenman, waar ik overigens redelijk goede betrekkingen mee heb onderhouden.
Kijk, tijdens mijn bewind kostten de Hollanders veel geld in tegenstelling tot de Engelsen, die met een homp brood al tevreden waren. Uiteindelijk kwam Ronan er wel achter dat er een sponsor gezocht moest worden om de geldvretende uitzendingen te kunnen bekostigen. Hij maakte toen een deal met Sylvain Tack en Van Landschoot. Tack en zijn toenmalige compangnon hebben maandelijks aan Ronan fl. 100.000,-- betaald. Voorts betaalden ze fl. 22.000,-- om het schip drijvende te houden. Uit deze verbintenis ontstond Radio Atlantis ( 15 juli 1973-15 oct. 1973)

SMC: waarom denk je dat Ronan in 1980 de Mi Amigo liet zinken? Hij wist toch dat het schip het niet langer kon uithouden als zendschip?

Van Dam: omdat Ronan zo blut is als hij maar blut kan zijn.
(SMC: dit interview werd opgenomen in juni 1980,dus enige jaren alvorens de Ross Revenge opdoemde voor de kust van Engeland).
O’Rahilly heeft heel zijn kapitaal vergokt in de filmindustrie. Zijn hele vermogen is daarmee de mist ingegaan. Voorts heeft hij nog geld gestopt in prefab houses in Arabie. Ronan kocht overproductie van films. Overproductie wil zeggen: je koopt dozen film met allemaal stukken die uit films geknipt zijn. Als je nu 5 dozen koopt met film, de scripts leest en plakt tot je een nieuwe verhaal krijgt, dan heb je een nieuwe film. Alleen: die films sloegen niet aan. Weg geld

Ronan had wel verstand van radio, maar niet van film.
Toen wij op 19 dec. 1979 met de Epivan ( 2e schip van Radio Delmare) naar buiten gingen ( wij ontsnapten toen uit de haven van Scheveningen) hadden wij een ton gasolie,voldoende voedsel en een knaap van een generator aan boord en voldoende middelen om Caroline te laten voortbestaan. Mijn plan was om Caroline te redden van het zinken en rustig alles over te zetten op de Epivan en rustig op te bouwen aan boord van dat nieuwe grote schip, want de Scheveningen 54 was een perfect schip. We hadden in Scheveningen een voorconstructie gemaakt van de nieuwe mast: de bedoeling was dat O’Rahilly dan met fl. 150.000,--
Over de brug zou komen. Op dat moment zou de Mi Amigo ontmanteld worden en de Scheveningen 54 worden opgebouwd tot nieuw zendschip. Immers, de Mi Amigo was niet meer te redden, overal zaten gaten en scheuren. De deal was dat Delmare 2 maanden zendtijd zou krijgen op de Mi Amigo om adverteerders tegemoet te komen en het luisterpubliek vast te houden.De deal was: overdag Delmare en ’s avonds Caroline. De nieuwe generator ( betaald door Fred Bolland) werd aan boord gezet en wij konden opkrassen. Ronan betaalde dus niet.

De redenen van Ronan om niet te betalen waren tweeledig:
De generator werkte niet en Gerard had bij het “parkeren” van de Scheveningen 54 de brug van de Mi Amigo er af gevaren.

DELMARE

Ik onderbreek Gerard even om hem de gelegenheid te geven het begin van het Delmare tijdperk te vertellen.

Trefwoorden: Aegir, dhr. Hensen, Steph Willemsen

Op een gegeven moment wilde ik en een aantal kornuiten van mij een boot kopen.In die tijd hadden we al een piratenstation genaamd WMR radio. We ontmoetten op Colijnsplaat een zekere meneer Hensen.Hensen moest door een ongeluk dat hij had gekregen zijn boot verkopen. Hij had al een aantal advertenties gezet, doch er kwam maar geen koper. Hensen was zo’n onsympathieke gladjanus , zo’n enge vent, dat wij afspraken dat wij de boot (Aegir) voor
fl. 45.000,-- zouden kopen , maar Hensen moest het grootste deel van het bedrag zwart hebben. We spraken af, dat hij
fl. 15.000,-- wit zou ontvangen en fl. 30.000,-- zwart. Hensen wilde een deel zwart omdat hij van de afdeling Haagse Jeugdzaken op die manier subsidie zou krijgen. Ik heb hem wijs gemaakt dat we een groep Haagse Zeeverkenners waren die op zoek zijn naar een boot. Ondertussen bleef hij sportvissen met die boot, al die tijd heeft hij de boot verwaarloosd. Hij dacht: ik krijg die centen wel. Op een nacht, nadat hij getekend had voor die fl. 15.000,-- hebben wij de Aegir weggevaren uit, de Schelde uit, Rotterdam in, via Delft naar de Laakhaven in Den Haag. Er is een gemeente-
verordening in Den Haag (art 2) dat elke Hagenaar het recht heeft om een havenplaats aangewezen te krijgen voor zijn boot. Nou daar kwam ik met mijn boot aan. We zijn aan de Laakkade begonnen de Aegir op te knappen en meneer Hensen kon fluiten naar zijn zwarte geld. Er stond nergens dat hij nog geld van ons zou krijgen; hij wilde pertinent dat hij zwart uitbetaald zou worden. Nou, hij kon fluiten naar zijn geld.
Ik heb in een half jaar tijd het schip vaarklaar gekregen. Hensen vond het wel vreemd dat we aan boord vreemde cellen van hutten bouwden.

In de jaren ’70 konden de Hagenaars op bepaalde vaste dagen hun groot huisvuil dumpen . Op die dagen schuimden wij de straten af om spullen voor de Aegir bij elkaar zochten. Ook hadden wij 2 lantarenpalen nodig voor het maken van een mast. Deze masten werden “geheel belangeloos door de NS ter beschikking gesteld”. Leo en Fred waren toen aan boord en zij hebben ervoor gezorgd dat de 2 lantaarnpalen in een zendmast vermaakt werden. Toen de masten er stonden besloten wij om zo snel mogelijk te vertrekken want we liepen behoorlijk in de kijkerd. Van de Lelykade vertrokken we naar de haven van Scheveningen om daar de zendapparatuur aan boord te brengen.

PADVINDERS

We waren een padvinders groepje en hadden padvinders-uiformen aan. We hadden in de dump grijze uniformen en witte boordjes gekocht en allemaal blauwe spijkerbroeken met zo’n riempje. Het imago werkte goed. We waren bijvoorbeeld in Rotterdam en ik kreeg de Aegir niet aan de kant dus kwam er een sleepboot die prompt een rekening van fl. 1.000,-- overlegde om ons aan de kant te leggen. Toen heb ik een brief geschreven dat ik het een schande vond dat arme padvinders zo gepakt werden. Toen kreeg ik een brief terug waarin stond dat het eigenlijk wel zielig was en dat de rekening verscheurd kon worden.

ZENDERS

Ja, we hadden zenders nodig. Ik besloot Steph Willemsen op te zoeken. Ik wist me namelijk te herinneren dat hij betrokken was bij de Condor. De hele piratenwereld is een kliekje, waarin iedereen iedereen kent. Steph Willemsen liet me toen een zender zien in het Kenaupark. Hij is toen nog meegeweest met de rondvaart naar de haven van Scheveningen. De zender is nooit aan boord gekomen want er werd een inval gedaan bij hem thuis. Uiteindelijk zijn we naar de 2e Scheveningse binnen-
haven gegaan omdat dit gemakkelijker en veiliger was in verband met de uit te voeren testuitzendingen. In Scheveningen werden de studio’s afgebouwd en de zenders geďnstalleerd. In mei zijn wij vooral om onopvallend te lijken vaak naar buiten gevaren en hebben voor de kust testuitzendingen gedaan, vaak rond zes uur ’s avonds. De studio’s waren onderling verbonden en elke studio was apart op de zender aangesloten.

Op de een of andere manier is er uitgelekt dat Steph een zender had, hetgeen resulteerde in een inval.

SMC: Het verhaal gaat dat op die bewuste avond Steph Willemsen de pers had uitgenodigd, terwijl jij in de Scheveningse haven vrolijk lag uit te zenden.

GVD: we hadden niet eens de spullen om te testen. Wij hebben geprobeerd de zaak aan de gang te krijgen en Fred Bolland woonde dicht bij de haven en die kon ons niet eens ontvangen.
Gelul dus.
Wel zijn we met het schip de haven uitgevaren om pleziervaarten te maken.

( Inmiddels heb ik anno augustus 2006 wat aantekeningen gevonden en hieruit is het volgende gebleken:

Op vrijdag 23 juni zou ten huize van Steph Willemsen een persconferentie zijn gegeven. Rond 20.00 uur zou op die pers-
Conferentie Gerard van Dam als woordvoerder van Delmare de pers inlichten over de verdere plannen. Gerard liet het afweten.
De reden? Waarschijnlijk was Gerard in Scheveningen waar even buiten voor de kust een testuitzending plaats vond. Heel Scheveningen wist van de Aegir af. Toch werd door verraad de RCD gewaarschuwd. Van Dam had enige dagen tevoren met een van de opvarenden ruzie gekregen. De vader van de jongen had de politie getipt. ( Aldus Steph Willemsen). De zelfde Steph
Willemsen was zo stom om daarna in een interview met de NCRV toe te geven dat hij de eigenaar was van de in beslag genomen zendapparatuur. Enige dagen later werd in het pand aan het Kenau park opnieuw zenders in beslag genomen.
Bovendien kwam die in beslag name niet onverwacht. Bij het doorzoeken van de Aegir vond men papieren waaruit duidelijk bleek dat de zenders afkomstig waren van de Condor.

OK, de Aegir wordt gepakt op die vroege zaterdagmorgen. Het schip wordt helemaal leeggehaald en die bewuste zaterdagochtend zijn we toch teruggegaan, want ze hadden de fout gemaakt ons niet aan de ketting te leggen. We zijn toen bij het REM eiland gaan liggen. Na een paar weken zijn we naar Maassluis gevaren, waar Danny Vuylsteke aan boord is gekomen om een afspraak te maken over de financiën en de apparatuur, welke we dringend nodig hadden. We zijn toen weer gaan varen en wel naar de kust van Oostende en met het bevoorradingsschop Mathilde Simone is toen vanuit Breskens zendapparatuur aan boord gebracht. Deze apparatuur is door Johan Rood geďnstalleerd. Daarna zijn we richting Vlissingen gevaren waar de motor van de Aegir zichzelf opblies. Heel vervelend want we lagen precies in een vaargeul. We gingen toen in die vaargeul voor anker notabene een vaargeul voor zeer grote tankers! De Mathilde Simone heeft ons voortgesleept en een dag of wat later kwamen we in de lucht. We lagen toen voor Goeree. Dat was op een zaterdagochtend. Windstil weer en zeer mistig. We voeren toen naar de kust tot bij het lichtschip Goeree. Vandaar zijn we gevoelsmatig een eind uit de kust gevaren. We kwamen onderweg een schipper tegen die ons zei dat we een mijl of zes uit de kust waren. Op goed geluk hebben we daar het anker laten vallen. We hebben daar een veertien dagen uitgezonden voordat hij van zijn anker sloeg.

MAY DAY MAY DAY, RENE DE LEEUW IN PANIEK

Op die bewuste maandagmorgen begon Rene de Leeuw te gillen dat we op de rotsen sloegen. (Nog heel mooi te horen op de LP Zeezenders 78-79). Via de 27 MC heb ik nog getracht instructies te geven. We zijn toen opgepikt door Smit Internationale. Die kreeg de opdracht van de officier van Justitie om ons naar binnen te brengen. Wij gaven de opdracht:
Naar buiten slepen; mocht niet van justitie. Dan maar naar binnen. Wat moet je anders? We zijn toen de haven van Maassluis binnengesleept; de andere dag lag hij in de entrepot haven. Daar is hij- zoals je weet- nooit meer vandaan gekomen.
We hebben toen de Scheveningen 54 voor fl.25.000,-- gekocht van een restaurant houder, waarna we over een muur klommen van de entrepothaven en alles van de Aegir hebben gestolen
En aan boord brachten van de Scheveningen 54. We hadden spullen nodig en wat hadden geen centjes meer.

CAROLINE

De Scheveningen 54 is toen uitgerust met spullen voor Caroline. Bij die spullen zat ook een grote Cummings generator die door Fred Bolland betaald was. Onverrichter zake is het schip toen teruggekomen omdat Ronan weigerde te betalen.
Niks Delmare uitzendingen vanaf de Mi Amigo. Een hele teleurstelling. Toen zaten we met een dilemma: wat nu? Uiteindelijk hebben we de boot maar voor de Nederlandse kust bij Scheveningen voor anker gegooid. Half januari kwam er een verschrikkelijke storm, zodat het schip af-
dreef tot een mijl of 3 ter hoogte van Wassenaar. Er waren wat problemen met de motor zodat we ook niet weg konden varen. Bij laag water lag hij binnen de territoriale wateren. Op grond daarvan heeft justitie hem op een maandagmorgen naar binnengesleept.

EERST ETEN, DAARNA VAREN

Ze waren wel zo link om mij op een zondagmorgen te arresteren en vast te zetten zodat ik niks kon ondernemen. Leo, de toenmalige machinist is op een vlotje naar ze toegevaren en heeft ze gewaarschuwd dat ze in de gevarenzone zaten. In plaats dat ze meteen het anker gekapt hadden en de boot wegvoeren zijn Fred van Dijk en Leo eerst nog op hun gemak gaan eten. Uiteindelijk hebben ze de Scheveningen 54 verspeeld. Er stond echter geen zend- apparatuur aan boord. Men heeft ons op verdenking van zeezenderij aangehouden. Uiteindelijk is het schip op grond van de aanwezigheid van een 27 mc bak verbeurd verklaard.

MARTINA

We hebben contact gezocht met iemand van Het Vrije Volk (krant destijds). Daar zit een vriend van mij, die iemand kende die helemaal aan de grond zat, maar die wel een boot bezat.
“Misschien kunnen we het op een akkoordje gooien”. Die persoon: Hans Keers hebben we opgevist in de kroeg. Zoop hij niet, dan zat hij aan de stuff. Zijn boot was van Rederij Vrolijk geweest en was een zusterschip van de Condor en de Morgenster. Hij moest een rekening betalen van fl. 3.000,-- en dat geld had hij niet en daarom lag de boot aan de ketting. We beloofden de rekening te betalen. Tevens begonnen we het schip op te knappen. Bij een open brug zijn we vertrokken, want de motor werkte inmiddels. Aan de andere kant van de brug werden we echter aangehouden, want het schip lag nog aan de ketting en de rekening van fl. 3.000,-- was nog niet betaald. We betaalden het geld en het schip ging van de ketting. Toen mochten we weer de zee niet op van de scheepvaartinspectie. We zijn toen naar Dordrecht gegaan en via Dordrecht de Oosterschelde opgetuft. Daar zaten we onmiddellijk vast op een zandbank.Ondertussen zorgde het thuisfront voor zenders die we kochten voor fl. 400,-- per stuk. In totaal kochten wij 21 stuks. Deze vervoerden wij in een auto met aanhanger. Natuurlijk werden wij gelijk aangehouden en de spullen werden in beslag genomen. Ook werden we gearresteerd. Het schip bleef uit handen van justitie want er werden geen zenders aangetroffen. Via de Oosterschelde zijn we naar Goeree gevaren. Daar hebben we een poosje uitgezonden.

DELMARE OMROEP ORGANISATIE

Tot de dag kwam dat er iets verdiend werd bij Delmare. Toen kwam Jan Olienoot ( Leen Vingerling) op de proppen.Deze meende de zaak over te moeten nemen. Exit Gerard van Dam.
Naderhand heeft Leen Vingerling toegegeven dat hij de zaak niet zo best geregeld had. We zijn goede vrienden geworden.
Later werd de DOO ( Delmare omroep organisatie) opgericht.

Hier eindigt het interview met Gerard van Dam. Dit interview
werd opgenomen in juni 1983, dus voor de komst van de Ross Revenge.

Je kunt twijfels hebben over het waarheidsgehalte van de uitspraken van Van Dam. Vreemd is bijv. dat hij eerst vertelt dat er 21 zenders in beslag werden genomen en korte tijd daarna konden ze weer uitzenden. Ook geen woord over het verdere verloop van Delmare met bijv.(Johan Rood) Johan van Hee die “ mosselen van het dek moest schrapen om in leven te blijven”. Dat verhaal van de mosselen was in feite ook niet waar, er waren nl. nog een aantal blikken witte bonen aan boord.

Geen woord over de opstand van 12 aug. 1979 waarin de Delmare dj’s voor de microfoon meldden dat de zender van Gerard van Dam was overgenomen, de Delmare organisatie had gefaald enz enz. Kees Mulder verklaarde dat de Delmare dj’s zich door Van Dam in de steek gelaten voelden. Na een gevecht met de eigenaar van het schip had Van Dam zich verder gedistantieerd van Delmare. De ruzie ontstond doordat Gerard van Dam het goed kon vinden met de vriendin van machinist Leo. Uiteraard werd dit door Leo niet gewaardeerd en om zijn woorden wat kracht bij de zetten gebruikte Leo een kachelpijp teneinde Gerard fysiek duidelijk te maken dat hij maar beter naar een anders vrouwspersoon kon uitkijken. Gerard dook na deze bedreigingen onder.

14 aug verlieten de dj’s het schip. Aan boord zaten nog Johan Rood en Kees Klaas Mulder. Tot overmaat van ramp werd op 14 sept nog een tender opgepakt zodat van een bevoorrading geen sprake meer was. Bij aankomst aan land bleek dat Gerard van Dam kennelijk uit zijn onderduikadres tevoorschijn was gekomen: de auto van Leen Vingerling was gesaboteerd: bougie van de motor was weg.

Daarna mislukten nog diverse bevoorradingspogingen alsmede een poging van Herman de Graaf om Radio Capri op te richten vanaf de Aegir.
Op 31 okt. 1979 voer de Aegir 2 de haven van Stellendam binnen en hiermee eindigde het Delmare verhaal.

Tenslotte: ik had een collega op kantoor die net als ik zeezen-
derfan was. Hij werkte vroeger bij Radio Delmare zei hij in volle ernst tegen mij. Zo, zei ik. Dus je kent Van Dam, Leen en ik noemde nog een paar namen. Enthousiast begon hij verhalen te vertellen… De volgende dag zei ik tegen hem: “maar zij kennen jou niet”. De man in kwestie had een enorme dikke duim. Ten tijde van de elf steden tocht had hij zich ook gemeld om mee te rijden. Hij haalde de finish zei hij en kreeg een lintje welke hij overigens op kantoor niet liet zien.

Veertien dagen later sprak ik in de tram een kennis van hem, welke ook op hetzelfde kantoor als ik werkte. “X de elfsteden tocht gereden? Bestaat niet. Hij kan niet eens schaatsen.